OVER HET NUT VAN KOORFESTIVALS,

 HET JUREREN DAARVAN EN DE VALKUILEN

 

 

WAAROM DOE EIGENLIJK JE MEE?

 

Al in de oudheid werden er allerlei wedstrijden georganiseerd voor zangers. Destijds mocht je bijvoorbeeld een mooie bruid mee naar huis nemen (Wagner's 'Die Meistersinger'), tegenwoordig is je prijs eer en roem en veelvuldig gevraagd om op te treden. Bovendien staat het erg goed in je je CV die de programmaboekjes 'opsieren'. Ook is vaak het Gemeentebestuur erg blij om een koor in de stad of het dorp te hebben dat een, of nog liever DE eerste prijs heeft gehaald. Geen wonder dat er zoveel concoursen en festivals bestaan. In de laatste 5 jaar is het aantal korenfestivals wereldwijd vervijfvoudigd! Natuurlijk zijn er meer redenen te bedenken om aan een festival deel te nemen waarop je wordt beoordeeld.

Waarom laten beoordelen?

De meeste koren en orkesten die meedoen aan een festival of concours met jurybeoordeling doen dit om uiteenlopende reden zoals

 

 

- te weten waar zij staan in relatie tot andere ensembles een doel hebben om ergens naar toe te werken

- inspiratie op te doen van andere ensembles er wat van te leren en daardoor de kwaliteit te verhogen

- om een grotere bekendheid te krijgen

- gewoon voor de lol

- om het netwerk te verbreedden.

 

 

WAAROM JURYBEOORDELING OP EEN FESTIVAL?

 

Jureren van muziekfestivals is dat nu zinvol? Het aanwijzen van het beste koor, het beste orkest, de beste accordeonspeler en de beste kunstfluiter kan dat en heeft dat zin?

Waarom doen we het eigenlijk? Willen we gewoon beter zijn dan de anderen en vragen daarom een deskundige om dat vast te stellen? En is die deskundige wel zo deskundig? Is die deskundige nog steeds zo deskundig als een ander wordt aangewezen als zijnde nog beter?

Jureren van koren en/of instrumentale ensembles bij muziekfestivals komt vaak om de een of andere reden   negatief over. Want is het zo dat juryleden vaak beïnvloed worden en onterechte scores geven?

Kun je het zingen of spelen van muziek tijdens zo'n festival of concours wel in een soort wedstrijdvorm gieten?

Kunnen we muzikaliteit beoordelen met een cijfer? Wat maakt de ene uitvoering beter dan een andere?

Ik ga graag in op het nut en onnut daarvan en op de 'vooroordelen' die er zijn over juryleden en wat de wetenschappelijke verklaring daarvoor is.

Laat ik me beperken tot de korenfestivals waar ook wordt gejureerd. Festivals dus waar op het einde van de dag wordt verteld wie er het beste heeft gezongen en zich vanaf dat moment het beste mannenkoor, vrouwenkoor, kinderkoor, seniorenkoor, lichte muziekkoor enz. van het dorp, de stad, provincie, het land mag noemen. Dit natuurlijk tot aan het volgende festival.

Maar......zou jureren een niet wat grotere doelstelling moeten hebben dan alleen maar een winnaar aanwijzen en dat vaak ook nog op hele vage gronden?

Wat mij betreft zou het belangrijkste doel van het jureren – beoordelen – moeten zijn om als vakmensen te komen met gerichte adviezen en tips om de kwaliteit van de koren te verbeteren.

Nog mooier zou het zijn om daarnaast de koren te kunnen coachen door een professionele en ervaren coach die daadwerkelijk een aantal dagdelen aan de slag gaat met koor én dirigent. Een koorfestival is op deze wijze niet alleen een doel maar vooral een middel.

 

 

DE JURY

 

Een aantal jaren geleden was ik juryvoorzitter op een groot internationaal koorfestival. Na afloop van een aantal optredens kwam de jury bij elkaar om de resultaten te bespreken. Bij één koor wou een van de juryleden géén punten geven. Verbaasd vroeg ik haar wat daarvan de reden was, het antwoord wat zij gaf was: "I don't like this music". "Maar je persoonlijke muzikale voorkeuren horen hierbij toch geen rol te spelen?" vroeg ik haar nog vriendelijk, maar zij bleef bij haar standpunt. Een sterk staaltje van het "Halo-Effect". We hebben het toen op een technische manier opgelost.

Sinds ik jureer op allerlei festivals (meestal koorfestivals) loop ik steeds weer aan tegen de vraag wat hier het doel van is en de wijze waarop er wordt gejureerd.

In mijn opinie is jureren 'beoordelen' en dat aan de hand van criteria die zoveel mogelijk objectief zijn. Naast beoordelen hebben we ook het fenomeen 'waarderen'. Waarderen gebeurt meestal op basis van irrelevante kenmerken zoals persoonlijke smaak en voorkeuren. (Publieksjury!)

Een paar jaar geleden ben ik me gaan verdiepen in de werking van onze hersenen tijdens het jureren. Ik kwam tot de ontdekking dat onze hersenen ons regelmatig op een verkeerd spoor zetten doordat zij de kortste weg nemen bij het verzamelen en combineren van al onze waarnemingen. Het gevolg hiervan is selectieve waarneming, je hoort wat je weet of denkt te weten, je hoort wat je ziet of denkt te zien. Op zichzelf is selectieve waarneming geen denkfout, maar ze kan er wel toe leiden. Het wordt pas een denkfout als je denkt dat je alles hoort of ziet en daarbij volledig vertrouwt op je eigen waarneming.

 

 

BEOORDELEN EN WAARDEREN, HET VERSCHIL

 

Voor het beoordelen van de kwaliteit van een product heb je objectieve en helder criteria nodig. Het ontwikkelen van deze criteria is in de ogen van vele niet mogelijk maar dat valt reuze mee. Het Nederlands Koorfestival heeft in de loop van de jaren beoordelingscriteria ontwikkeld die in de praktijk uitstekend functioneren.

Waardering voor een creatief product, of het nu muziek is of een standbeeld, een film of video, een lantaarnpaal of een Vinex wijk, dat is een kwestie van smaak. Maar het beoordelen van de kwaliteit van deze zaken is dat niet. Los van hun persoonlijke voorkeur kunnen mensen heel goed beoordelen of ze met prullen te maken hebben of met iets voortreffelijks. En de overeenstemming tussen beoordelaars is dan ook onverwacht groot. Als er tenminste met een aantal dingen rekening gehouden wordt.

 

 

BEOORDELINGSCRITERIA

 

– Het aantal beoordelaars moet niet te klein zijn, want anders gaan de persoonsafhankelijke eigenaardigheden van een individuele beoordelaar te veel gewicht in de schaal leggen. Bij een voldoende aantal beoordelaars middelen deze eigenaardigheden zich uit.

 

– Ook moeten beoordelingen vergelijkenderwijs plaats vinden, dus beoordelaars moeten van een aantal producten aangeven welke het beste is en het op een na beste enzovoort, bijvoorbeeld door een rangorde aan te brengen. Hoewel er tussen expertbeoordelaars en onervaren beoordelaars vaak weinig verschillen bestaan – beide groepen wijzen vaak dezelfde producten aan als het beste of slechtste – zijn alleen experts enigszins in staat absolute oordelen te geven, omdat zij een schat aan vergelijkingsmateriaal in hun hoofd hebben.

 

– Het beoordelen wordt vergemakkelijkt als de te beoordelen producten de nodige variatie aan kwaliteit vertonen. Een jury die een ensemble moet aanwijzen dat in aanmerking komt voor de eerste prijs, heeft het moeilijk als alle ensembles van hetzelfde niveau zijn, maar kan vroeg naar huis als er één ensemble bij is dat er met kop en schouders bovenuit steekt. En daar is ook nooit kwestie over. Het getob begint pas als alle ensembles even slecht, middelmatig of goed zijn,

 

– Personen die producten of prestaties beoordelen moeten zich niet af laten leiden door irrelevante kenmerken. Dat gebeurt vaak wel, zoals lange tijd bij de juryleden die kunstschaatsers en turners moesten beoordelen. Om dit te voorkomen kan aan juryleden een lijst met criteria worden gegeven. Zo gebeurt het nu bij het kunstschaatsen en turnen.

 

In de TV - talentenjacht programma’s mankeert aan de kwaliteit van het beoordelen veel. (Het gebeurt niet onafhankelijk), de beoordelingscriteria zijn onduidelijk en niet expliciet en het aantal juryleden is te gering. Ze kwekken maar wat en bovendien worden er vaak van tevoren al afspraken gemaakt. De belangen van de producers zijn groot.

 

Dit is geen reden om het beoordelen van creatieve prestaties maar helemaal achterwege te laten. Niet alles kan met objectieve tests worden bepaald en iedereen wordt voortdurend blootgesteld aan subjectieve beoordelingen. Op school bestaat er zoiets geheimzinnigs als de indruk van de leerkracht, waaraan sommige meer waarde hechten dan aan de objectieve Cito-toets voor het bepalen van de middelbare schoolkeuze.

 

Veel sportprestaties worden subjectief beoordeeld. Ook tijdens sollicitatiegesprekken ben je overgeleverd aan de subjectieve indruk die je wekt bij een aantal onbekenden, die een ongestructureerd gesprek met je voeren, terwijl je geen idee hebt waar ze op letten. De beoordelingen van je arbeidsprestaties zijn doorgaans ook in hoge mate subjectief.

 

Jureren en een oordeel uitspreken is dus heel gewoon, maar slechts zelden wordt aan de minimale eisen voldaan om tot een betrouwbaar oordeel te komen.

Veel organisatoren van koorfestivals vragen vaak aan juryleden om vooral toch alles heel positief te benaderen. “En als een koor nu reetevals, onverstaanbaar en ritmisch totaal ongelijk zingt?” Ach, er valt altijd wel iets positief te melden zoals 'jullie hebben heel goed jullie best gedaan!' of 'er is veel aandacht besteed aan de kleurige jurken van de dames' of 'fijn dat jullie helemaal naar hier zijn gekomen om mee te doen'.

 

Zeggen wat je er echt van vindt wordt niet overal even gewaardeerd. Veel organisatoren weten overigens ook niet met welk doel zij koren willen laten jureren.

Helaas moet ik daarnaast ook zeggen dat het regelmatig voorkomt dat juryleden niet zo goed weten waarom, wat en hoe te jureren. Er zijn genoeg festivals waar juryleden in de jurykamer een getal roepen die na enig rekenwerk uitslag geven wie de winnaar is. Waarom ze nou dat getal hebben genoemd is niet altijd duidelijk.

Niemand zal ontkennen dat beoordelingen, van wat dan ook, zo objectief mogelijk horen te gebeuren. Dat dit ook altijd gebeurd is maar zeer de vraag.

Verderop zal duidelijk worden dat er nogal veel factoren een rol kunnen spelen die de objectiviteit ondermijnen.

Bij wedstrijden die te maken hebben met jurybeoordelingen is het voor de objectiviteit belangrijk dat er duidelijke en heldere criteria zijn.

 

 

OBJECTIEVE BEOORDELINGSCRITERIA

 

Bij koorfestivals zijn de hoofdcriteria onder te verdelen in:

 

 

1. ARTISTIEK:

 

- Expressie

- Stijl interpretatie

- Frasering

- Communicatie en betrokkenheid

 

2. TECHNIEK

 

- Verstaanbaarheid van de tekst

- Uitspraak van de tekst

- Intonatie en zuiverheid

- Ademsteun en controle

- Ritmiek en gelijkheid

- Klankkleur

- Consistentie en nauwkeurigheid van de partituurbehandeling

(Zingen wat er staat)

- Ensemble homogeniteit

- Balans en menging

- Technische bekwaamheid

 

3.PROGRAMMAKEUZE

 

- moeilijkheidsgraad

- evenwichtigheid

 

4. PRESENTATIE en COMMUNICATIE

 

- Programmakeuze

- Uitstraling

- Gezichtsexpressie

- Houding van de zangers

- Contact met het publiek, komt het over.

 

In deze lijst staan verschillende termen die op zich kunnen leiden tot verschillende interpretatie. Het kan nodig zijn om in een voorafgaand juryoverleg tot overeenstemming te komen. Ze worden echter vaak gebruikt op festivals wereldwijd en zorgen ervoor dat een hoge mate van objectiviteit wordt bereikt.

 

 

HOE OBJECTIEF KUN JE ZIJN EN WAT IS DAT, OBJECTIEF?

 

‘Je hoort wat je ziet en dat wat je weet neem je mee in de beoordeling'

 

 

MONDEGREEN

 

Een mondegreen is het verschijnsel dat een verkeerd verstaan gedeelte van een tekst van bijvoorbeeld een liedje, automatisch door de hersenen wordt aangepast tot een voor het verstand kloppend geheel. De luisteraar hoort dan dus andere woorden dan er eigenlijk te horen zijn. Meestal gaat het vooral om absurdistische Nederlandstalige teksten in Engelstalige liedjes. In Nederland is een 'mondegreen' wel bekend onder de naam 'Mama Appelsap'.

Er zijn veel filmpjes te vinden van uitvoerende artiesten waarbij je de 'Mama appelsap' tekst te zien krijgt. En, wat je ziet hoor je!

Wie eenmaal een goed Mama Appelsap te pakken heeft kan nooit meer normaal naar het bewuste liedje luisteren.

 

JONGENSKOOR-MEISJESKOOR

 

Er zijn testen gehouden waarbij, onzichtbaar voor een panel van deskundigen, in willekeurige afwisseling, jongens- en meisjeskoren optraden. Aan het panel werd gevraagd welk van de koren een jongenskoor en welk een meisjeskoor was. De goede score was ruim 50%.

De kans is groot dat wanneer je een filmpje of afbeelding van een jongenskoor ziet terwijl de hoorbare muziek wordt gezongen door een meisjeskoor je toch een jongenskoor hoort. Vergelijkbare effecten treden op bij andere ensembles, instrumenten of stemmen.

Ook zijn er vergelijkbare onderzoeken gehouden door kenners bij het beluisteren van vleugels en violen.

 

STRADIVARIUS-VIOLEN – STEINWAY-VLEUGELS

 

Het is niet het eerste experiment dat aantoont dat een Stradivarius niet te onderscheiden is van een goede nieuwe viool, het is wel het meest zorgvuldige. Tien professionele soloviolisten probeerden zes oude en zes nieuwe violen, waaronder enkelen van Stradivarius. Ze speelden twee sessies van vijfenzeventig minuten, eerst in een kleine kamer en daarna in een auditorium met driehonderd zitplaatsen. Na elke sessie werd de violisten gevraagd welke vier violen favoriet waren. Ook moesten ze de violen cijfers geven voor allerlei kwaliteitsaspecten. Tenslotte vroegen de onderzoekers hen om te raden welke violen oud en welke nieuw waren.

De solisten konden heel duidelijk de ene viool van de andere onderscheiden. Ze hadden alleen een duidelijke voorkeur voor de nieuwe violen. De viool die verreweg het populairst was onder de topmuzikanten was ook een nieuwe. En bij het raden of een viool oud of nieuw was, deden ze het niet beter dan wanneer ze gewoon gegokt hadden.

MILES DAVIS

De beroemde jazztrompettist Miles Davis gaf veel concerten. De bezoekers en recensenten van deze concerten waren meestal enthousiast over dat wat ze hadden gehoord. Dezelfde concerten zijn ook op de grammofoonplaat en CD gezet. De beoordelingen van deze opnamen waren lovend en werden alsnog beter beoordeeld dan de live concerten. Een belangrijke oorzaak was dat tijdens concerten Miles Davis meestal met de rug naar het publiek gekeerd stond waardoor, onbewust, een gevoel van gebrek aan communicatie ontstond. In de waardering en beoordeling van de live concerten heeft dit, onbewust, een rol meegespeeld.

 

Uit bovenstaande blijkt dat ook objectiviteit een betrekkelijk begrip is……………

 

 

OBSTAKELS en VALKUILEN bij het JUREREN

 

Bias -ruis halo-effect en meer

 

 

Ik denk dat het voor een jurylid, zelfs al is hij nog zo objectief ingesteld en reflectief op eigen oordelen, moeilijk is om deze vertekeningen volledig uit de weg te gaan, simpelweg omdat de bias een functie heeft: de mens heeft maar een beperkte cognitieve capaciteit en kan daarom niet alles volledig en objectief waarnemen én beoordelen in het relatief korte tijdvlak van één optreden waarbij op intonatie, ritmiek, uitspraak, verstaanbaarheid, presentatie enzovoorts moet worden gelet. Laat staan een heel optreden!

Jureren houdt ook in dat je als jurylid met verschillende vormen van bias (ruis) te maken krijgt.

 

Een paar voorbeelden waarbij ik Suzanne Weusten van de Argumentatie "De Denkfabriek" citeer:

 

"Selectieve, auditieve, waarneming speelde een rol toen een paar jaar geleden de luchtverkeersleiding op Schiphol het radiocontact verloor met een Spaans passagiersvliegtuig en meende Arabische liedjes te horen in de cockpit. Ze dacht dat er een kaping gaande was en besloot het vliegtuig met twee F-16's te escorteren naar de luchthaven. Vals alarm, bleek later.

Op 12 januari 2007, 's morgens om tien voor acht, installeerde een man met een baseballpet zich in een metrostation in Washington DC. Hij pakte zijn viool uit de kist en begon te spelen. In de drukke ochtendspits passeerden bijna elfhonderd mensen de straatmuzikant. De reacties van de voorbijgangers werden met een verborgen camera vastgelegd. Niemand wist dat ze proefpersoon waren in een uniek experiment, waarvan The Washington Post later uitgebreid verslag zou doen. Slechts zeven mensen stopten even om te luisteren en één persoon herkende de straatmuzikant als Joshua Bell, een wereldberoemde violist, die normaal gesproken in concertzalen optreedt voor een publiek dat graag en veel geld voor hem neertelt. Deze ochtend haalde Bell 52 dollar op. Hoe kwam het dat bijna iedereen voorbijliep zonder hem te herkennen?

Zonder de omgeving van de concertzaal merkten mensen kennelijk niet op dat deze muzikant bijzonder was. Ze verwachtten niet dat hij briljant was, dus hoorden ze het ook niet. We zien wat we verwachten te zien of te horen; we zijn als het ware blind voor onverwachte gebeurtenissen.

Soms ook worden we zo in beslag genomen door andere zaken dat we gewoon iets missen.  Selectieve waarneming is niet alleen een kwestie van aandacht verdelen. Het is ook een manier om de veelheid aan informatie die op ons afkomt te filteren in behapbare stukjes. In die zin is het functioneel. We zouden gek worden als we werkelijk alles wat op ons afkomt, zouden horen en zien. Selectieve waarneming onttrekt zich meestal aan ons bewuste brein, maar wie zich bewust is van de onvolkomenheid van zijn waarneming, kan denkfouten voorkomen".

 

Tot zover Suzanne Weusten.

 

 

Naast de selectieve perceptie hebben we ook te maken met BIAS oftewel vooringenomenheid en die is veel groter dan je zelf in de gaten hebt. Tijdens trainingen van juryleden heb ik daar sterke staaltjes van mee mogen maken.

Hier een paar die je bij het beoordelen kunt tegen komen:

 

 

'RANK ORDER BIAS'

Volgorde van de optredens

 

Voor veel juryleden begint het probleem bij het optreden van het eerste koor of ensemble. Welke cijfers geef je. Als je te hoog gaat zitten loop je de kans dat nog betere koren of ensembles véél te hoge cijfers gaan krijgen en zit je te laag dan kun het probleem krijgen dat (veel) minder goede wel erg laag komen te zitten.

Veel koren/orkesten en dirigenten denken dat ze benadeeld worden als ze als eerste moeten starten. De jury heeft dan nog geen vergelijking met andere ensembles en moet nog een maatstaf neerzetten, waardoor ze denken dat ze lagere punten krijgen.

 

 Het is wetenschappelijk bewezen dat bovenstaande kan voorkomen. Psychologisch onderzoek geeft hiervoor de verklaring dat juryleden vaak nog geen extreem hoge punten willen geven omdat ze verwachten dat er nog betere ensembles zullen optreden.

 

In het geval waar de startvolgorde wordt bepaald door voorgaande prestaties, zoals bij danswedstrijden, speelt deze kwestie nog meer. De juryleden verwachten dan ook dat het niveau telkens meer omhoog zal gaan en zullen geneigd zijn om elk positief punt bij elke volgende ensemble dat op het podium komt extra te benadrukken, waardoor steeds hogere scores worden gegeven.

Dit effect van de startvolorde wordt in het Engels "rank order Bias" genoemd.

 

Bij een van de jurytrainingen verdeelde ik de groep in 2 jury's, de ene groep mocht in een andere ruimte koffie gaan drinken, de andere groep mocht jureren. Ze kregen 2 opnamen te horen van twee verschillende koren. De 1e opname was van een goed koor en de 2e opname was van een matig koor. De tweede groep juryleden kregen dezelfde koren te horen maar in omgekeerde volgorde, dus eerst het matige koor en daarna het goede koor. Het verschil in beoordeling van beide koren door beide jury's was groot. Bij de 1e jury scoorde het goede koor met een gemiddelde van 7,2 en het matige koor met een 5,8. Bij de 2e jury scoorde het matige koor een 6,9 en het goede koor een 8,8.

 

 

'REPUTATION BIAS'

De reputatie van de dirigent en/of ensemble

 

Je herkent het vast wel. Het zijn vaak dezelfde koren bovenaan eindigen op festivals en concoursen. Misschien heb je het vermoeden dat zij de juryleden goed kennen en daardoor gemakkelijker bovenaan eindigen. Of dat een jurylid alleen op basis van de naam een hogere score toekent, maar is dat ook werkelijk zo?

Juryleden worden geacht om volgens de beoordelingsformulieren hun beoordeling te geven. Maar zoals ik net al schreef is het een hele complexe opgave om in een korte tijd die beoordeling te geven. Een jurylid valt dus terug op wat hij al weet van de situatie en daar hoort ook vaak de reputatie van de dirigent bij. Het is dus heel aannemelijk dat de scores waarvan bekend is dat hij of zij een kundig dirigent is, sneller hoger uit zullen vallen dan bij iemand die niet dezelfde reputatie heeft. Het is zelfs wetenschappelijk bewezen dat de reputatie het jurylid onbewust kan helpen bij het toekennen van de score.

Hierbij een mooi voorbeeld uit de sport.

 

Tijdens de olympische finale 2016 van het onderdeel keirin, een discipline in het baanwielrennen, was de gedoodverfde olympisch kampioen Jason Kenny te vroeg vertrokken. Volgens de reglementen had er een diskwalificatie op moeten volgen. Na lang beraad besloot de jury om niemand te diskwalificeren. In de herstart ging het opnieuw mis, ditmaal was het een andere kanshebber de boosdoener. Ophef op de baan en er volgde een overleg met de coaches van de renners. Ook nu werd niemand gediskwalificeerd. De derde poging ging wonderwel goed. De gedoodverfde kandidaat Jason Kenny won het goud. Typisch gevalletje van 'Reputation Bias'. Of........ een dusdanige druk van de organisatie op de jury om de belangen van de spelen boven het wedstrijdreglement te plaatsen.

Niet alleen in de sport maar bij alle jureringen komt dit voor, ook bij koorfestivals!

 

 

'CONFORMITY EFFECT'

Het niet durven geven van hoge en lage punten.

 

Veel juryleden krijgen het commentaar dat ze alleen maar zessen en zevens op het protocol schrijven en geen hogere of lagere punten durven te geven.

Het is een gegeven dat veel scores tussen de 6 en de 8 liggen en dat er weinig spreiding is. Het gevolg is dat daardoor de minder goede ensembles in verhouding te veel punten krijgen en de beste ensembles te weinig.

Maar durven juryleden geen hele lage of hoge scores te geven? Het is bewezen dat juryleden graag zien dat hun scores in lijn zijn met die van hun collega’s.

Mensen willen graag tot een bepaalde groep horen en vallen er liever niet buiten. Dit geldt natuurlijk ook voor juryleden. Ook kan onzekerheid een rol spelen. Om de meer extremere cijfers te geven zal je over voldoende zelfvertrouwen moeten beschikken.

Ik ken genoeg koorfestivals waar na afloop elk jurylid het aantal punten mag noemen wat hij of zij wil geven aan het betreffende ensemble. Altijd spannend wie de score mag of moet openen. Het komt zelden voor dat één van de volgende juryleden een erg afwijkende score geeft terwijl ik toch net daarvoor op sommige blaadjes een ander getal had zien staan.

Iets beter gaat het wanneer de scores van de individuele juryleden meteen na afloop bij de juryvoorzitter of -secretaris moeten worden ingeleverd. Als dan blijkt dat een jurylid nogal afwijkt van de collega's is dit jurylid meestal al snel bereid om de score aan te passen zodat het verschil (soms aanmerkelijk) kleiner wordt

Beide oorzaken kunnen leiden tot scores die niet heel erg afwijken van de standaard. Dit wordt het “conformity effect” genoemd.

 

 

'HALO-EFFECT'

De persoonlijke voorkeuren

 

Sommige dirigenten hebben het idee dat juryleden geen liefhebber zijn van elektronische instrumenten en wanneer er drums bijzit en daardoor ook lagere punten krijgen. Het is waar dat het gebruik van deze instrumenten vaak de koorbalans nogal kunnen verstoren. Maar weet ook dat veel juryleden ook vaak vroeger in allerlei bandjes hebben gespeeld. Inderdaad er zijn ook andere, Ooit heb ik eens mee mogen maken dat op een koorfestival, waarop allerlei stijlen van muziek ten gehore werden gebracht een paar (klassiek georiënteerde) juryleden geen punten wilden geven omdat de ten gehore gebrachte (lichte muziek) werken in hun ogen inferieur was. ‘I don’t like this music’ was het antwoord van mijn collega's toen ik hen vroeg naar zijn punten. Hij bleef echter bij zijn besluit, we hebben het technisch opgelost. Deze juryleden is nooit meer teruggevraagd.

 

Wel is het zo dat de persoonlijke voorkeur van een jurylid onbewust van invloed kan zijn op de beoordeling. Dit heeft niet alleen betrekking het gebruik van de genoemde instrumenten, maar ook bijvoorbeeld op ensembles die heel virtuoos spelen of zingen of er overweldigend mooi uitzien. Het is bewezen dat een jurylid zo onder de indruk kan zijn van een bepaald aspect, waardoor andere foutjes minder zwaar worden aangerekend. Dit wordt ook wel het “halo-effect” genoemd.

 

Persoonlijke voorkeuren spelen vaak een overwegende rol bij publieksjury's.

 

 

DE ORGANISATIE VAN HET FESTIVAL

 

- Beschikbare optreedtijd

 

Voor veel festivals geldt een gemiddelde optreedduur van 20 minuten per koor, inclusief opkomen en afgaan.

Vaak wordt ook een deel van die tijd ingenomen door een presentator. Vaak héél sfeer verhogend maar meestal staat dezelfde informatie al in een programmaboekje. Afhankelijk van de hoeveelheid ensembles dat meedoet (vaak te veel!) is de tijd tussen twee optredende koren vaak erg kort. Juryleden moeten dus tijdens de optredens veel informatie verwerken om te komen tot een verslag, het liefst héél uitgebreid, en ook de diverse onderdelen van punten voorzien.

 

- Beïnvloeding van de jury door de organisatie

 

Veel festivalorganisaties denken dat als er sprake is van veel hoge beoordelingen het festival dus een héél goed festival is.

Regelmatig wordt er bij juryleden op aangedrongen om, ter wille van het koor' niet te laag te beoordelen, alsof juryleden daar op uit zijn. Ik ken bijna geen enkel jurylid die handenwrijvend achter de tafel zit om maar eens lekker lage punten te geven.

Maar ook hebben sommige presentatoren er wel eens een handje van om voor- of achteraf te zeggen dat de jury het wel eens heel lastig zou kunnen krijgen nu zij dit koor hebben gehoord, 'tsjonge jonge wat een kwaliteit' hoor je ze dan wel eens zeggen. Jurysamenstelling Veel festivalorganisaties zien ook graag juryleden uit de buurt in de jury zitten zoals de directeur van de plaatselijke muziekschool of een bevriend dirigent.

 

-Juryleden zijn ook maar gewone mensen-

 

Opleiding en kwaliteiten van de juryleden

Juryleden zouden eigenlijk voortdurend opgeleid en geschoold moeten worden zodat ze niet alleen op de hoogte zijn van alle relevante muzikale- en jureringsaspecten maar ook alle benodigde vaardigheden bezitten om beoordelingsresultaten terug te koppelen aan deelnemende dirigenten en koren.

Het gaat dan om vaardigheden en competenties die heel concreet getraind dienen te worden.